Innerlijke bewijsdrang

Als je jezelf voortdurend moet bewijzen op je werk
Veel werknemers met autisme ervaren een sterke innerlijke drang om het goed te doen op hun werk.
Misschien herken je dit: je wilt geen fouten maken, je wilt betrouwbaar zijn en je wilt laten zien dat je je baan verdient.

Dat is begrijpelijk.
Zeker als je al vaker hebt ervaren dat dingen niet vanzelf gingen, of als je hard hebt moeten werken om te komen waar je nu bent.

Maar die innerlijke drang kan ook te groot worden. Zo groot, dat het je energie kost in plaats van oplevert.

In deze blog noem ik dit innerlijke bewijsdrang: het gevoel dat je jezelf steeds moet bewijzen.

Wat is innerlijke bewijsdrang?
Innerlijke bewijsdrang betekent dat je het gevoel hebt dat wat je doet nooit helemaal genoeg is.

Je legt de lat voor jezelf hoog. Soms hoger dan anderen dat doen.

Bijvoorbeeld:

  • Je controleert je werk meerdere keren, ook als dat niet nodig is
  • Je werkt door terwijl je al moe bent
  • Je vindt het moeilijk om een taak af te ronden, omdat het nog beter kan
  • Je voelt spanning als je een fout maakt
  • Je bent pas tevreden als iets perfect is

Vaak speelt er een onderliggende gedachte, zoals:

“Ik moet laten zien dat ik dit kan.”
“Ik mag geen fouten maken.”
“Anders denken ze dat ik niet geschikt ben.”

Deze gedachten zijn begrijpelijk. Zeker als je eerder bent overvraagd, kritiek hebt gekregen of je onzeker hebt gevoeld op werk.

Maar deze bewijsdrang heeft ook een prijs.

Waarom komt dit vaak voor bij autisme?
Werknemers met autisme ervaren hun werk vaak als intensiever.

Dit heeft verschillende oorzaken:

  • Je wilt duidelijkheid en controle
    Je probeert fouten te voorkomen door extra zorgvuldig te zijn.
  • Je neemt verantwoordelijkheid serieus
    Je wilt betrouwbaar zijn en afspraken nakomen.
  • Je hebt geleerd dat fouten opvallen
    Misschien heb je eerder negatieve reacties gekregen.
  • Je bent je bewust van je kwetsbaarheid
    Bijvoorbeeld op het gebied van communicatie, prikkelverwerking of tempo.Daardoor kan het voelen alsof je extra je best moet doen om “mee te komen”.

Hoe merk je dat de bewijsdrang te groot wordt?
De belangrijkste graadmeter is je energie.

Gezonde motivatie geeft voldoening.

Innerlijke bewijsdrang kost energie.

Signalen kunnen zijn:

  • Je bent na een werkdag volledig uitgeput
  • Je blijft piekeren over je werk
  • Je vindt het moeilijk om te stoppen
  • Je ervaart spanning of stress
  • Je gaat over je grenzen heen

Op korte termijn lukt het vaak nog wel.
Op lange termijn kan het leiden tot overbelasting of burn-out.
Niet omdat je je werk niet aankunt.
Maar omdat je te lang over je grenzen gaat.

Het probleem is niet dat je te weinig je best doet
Het probleem is meestal het tegenovergestelde.

Je doet te veel.
Niet omdat het moet.
Maar omdat het zo voelt.
Het verschil is belangrijk.

Veel werknemers met autisme vallen niet uit omdat ze ongemotiveerd zijn.
Ze vallen uit omdat ze te lang op wilskracht werken.

Wat helpt om de bewijsdrang te verminderen?
Het doel is niet dat je minder betrokken wordt.
Het doel is dat je jezelf niet langer uitput.

Deze stappen kunnen helpen:

1. Besef dat “goed genoeg” vaak echt genoeg is
Niet alles hoeft perfect.
Vraag jezelf regelmatig af:
Wat wordt er echt van mij verwacht?
Niet: wat verwacht ik van mezelf.
Maar: wat is voldoende voor deze taak.
Vaak ligt dat lager dan je denkt.

2. Stop op tijd
Veel werknemers met autisme gaan door tot hun energie volledig op is.
Probeer eerder te stoppen.
Ook als het nog niet “af” voelt.
Je energie bewaken is onderdeel van je werk.

3. Let op signalen van overbelasting
Bijvoorbeeld:
vermoeidheid
meer fouten maken
minder concentratie
sneller geïrriteerd zijn
piekeren

Dit zijn geen tekenen van zwakte. Het zijn signalen dat je grens in zicht komt.

4. Je hoeft jezelf niet voortdurend te bewijzenJe bent aangenomen omdat je geschikt bent voor je functie.
Niet omdat je perfect bent.
Niemand is perfect. Ook je collega’s niet.

5. Praat erover als dat veilig voelt
Soms helpt het om met een leidinggevende of jobcoach te bespreken:
wat er van je verwacht wordt
wat voldoende is
waar je grenzen liggen

Duidelijkheid vermindert vaak de druk die je voelt.

Je waarde hangt niet af van hoe hard je werkt
Veel mensen met autisme hebben geleerd om te compenseren.
Om extra hun best te doen.
Om zich aan te passen.
Dat heeft je waarschijnlijk ook veel gebracht.
Maar je hoeft jezelf niet uit te putten om waardevol te zijn als werknemer.

Goed genoeg is goed genoeg.